'Aan personages Joke J. Hermsen valt niet te ontsnappen'  AMSTERDAM - Joke J. Hermsen is een meermaals bekroonde romanschrijfster, essayiste en filosofe. Onlangs is haar vijfde roman Blindgangers verschenen, waarover NU.nl met haar sprak.
De winter is vroeg. Oude studievrienden gaan ieder voor zich op pad om in het Drentse buitenhuisje van een van hen het 25-jarige jubileum van hun ‘debatclubje’ te vieren. Het gezelschap is divers. De een is kunstenaar, de andere chirurg, een derde werkt sinds een eeuwigheid aan zijn filosofische meesterwerk. Ze zijn nog voor de vorm getrouwd, beleven een min of meer gelukkig nahuwelijk of zijn alleenstaand. Het lijkt alsof bij elk van hen op een bepaalde manier de winter ook zijn intrede heeft gedaan. Waarom heeft u het boek geopend met biografietjes van de belangrijkste personages. "Het vergemakkelijkt de lezer om de verschillende verhaallijnen vast te houden. Er zijn zeven hoofdpersonages en daarnaast spelen ook nog een aantal kinderen een rol. Ik wilde niet dat een van hen zichzelf zou moeten beschrijven. Het is een theatrale setting. De acteurs zijn bekend en nu kan iedereen aan het woord komen. Ik wilde eerst als tegenhanger van De liefde dus een ‘mannenboek’ maken met een denker, een dromer en een pragmaticus. Langzaam kwamen ook de vrouwen en de kinderen op het toneel. Zij vertegenwoordigen de hoop." De essayist in het gezelschap zegt dat al zijn thema’s al in zijn jongenshoofd zaten. Geldt dat voor u ook? "Als meisje heb ik in de jaren zestig in een nieuwbouwwijk in Amstelveen vaak dodelijk verveeld uit het raam gestaard. De ene troosteloze zondag schaarde zich aan de andere. Mijn vader haalde boeken voor het hele gezin uit de bibliotheek. Uit dat lezende meisjeshoofd zijn al mijn thema’s wel ontstaan, met als belangrijkste de tweestemmige mens. Het verschil tussen het zelfbewuste ik, de persoon waar je een foto van kunt maken, en daaronder het onbewuste zelf, een zee aan vergeten herinneringen die toch de bron van je bestaan zijn. Vanaf mijn eerste tekstjes tot en met dit boek speelt ‘de ander in het ik’ een belangrijke rol." We weten dat het bijna altijd tegenvalt, waarom vieren we nog jubilea? Nostalgie? "We verlangen misschien toch terug naar de verbondenheid die er ooit was. De herinnering die als een baken aan de horizon kan oplichten. En tegelijk is er ook wel een stiekem verlangen naar ineenstorting. Een natuurramp bijvoorbeeld, waardoor je van alle plichten ontslagen wordt." U haalt via een van uw personages behoorlijk uit naar de hype rond de 'breinboeken'. "Een van de uitingen van het materialisme is dat men de mens tot een hoop grijze cellen wil reduceren. Alsof we geen bewustzijn, geweten of vrije wil hebben. Het lijkt alsof er behoefte is om dat te ontkennen. Het is een van de symptomen van deze nihilistische tijd. Daar móet ik eenvoudigweg stelling tegen nemen. In een roman gaat dat wat gemakkelijker dan in een essay. Je kunt de zaken eenvoudiger op scherp te zetten." Zoals het exposé over de positie van de vrouw? "Je moet er nu strak en jong uit zien. Dat is de norm. Door die jeugdcultus gaan we wat de positie van de vrouw betreft weer honderd jaar terug in de tijd. Feminisme is ‘not done’ op dit moment. Van de weeromstuit kreeg ik zin om het weer tevoorschijn te toveren. Door de vorige emancipatiegolven ben ik kunnen worden wat ik nu ben." Je kunt eigenlijk niet ontsnappen aan de personages? "Er zijn vier mogelijk stellen en elke lezer kan zich in een of meerdere facetten van die personages wel herkennen. Dat heb ik overigens niet bewust gedaan. Ik hoorde het achteraf van mijn meelezers. Weliswaar ontploft de bom in mijn boek, maar het einde geeft toch ook hoop en stemt, als het goed is, de lezer tot nadenken." © NU.nl/Guus Bauer Laatst gewijzigd: 13-02-2012 14:19 |